From WikiOfBas
Achtergrond
Vanuit de staf kwam het verzoek om het mogelijk te maken om nog in het kalenderjaar 2009 minimaal één patiënt te bestralen op het toestel U6 te Almere, ondanks het feit dat de klinische vrijgave voor dit toestel op 1 februari 2010 gepland stond. Besloten werd om een vervroegde, beperkte klinische vrijgave van de U6 te bewerkstellingen met als streefdatum voor vrijgave maandag 14 december 2009. De beperkingen van deze beperkte klinische vrijgave zijn:
- Uitsluitend eenvoudige fotonen velden, zowel 6 als 10MV
- Geen gebruik van wiggen
- Planning middels tabellenboek en/of excelsheet dosishandberekening: geen TPS (Plato)
- Velden kunnen opgezet worden in GE ADW
- Positieverificatie en correctie is mogelijk met Portal Images, en automatische tafelaansturing. Geen conebeam!
- De beperkte klinische vrijgave is geldig t/m 31 december 2009
Deze zaken zijn vastgelegd in het document “beperkte klinische vrijgave U6” dat zal worden ondertekend door: de verantwoordelijk fysicus, het hoofd fysica, de technicus belast met de acceptatie en een gebruiker (toestelhoofd). Oorspronkelijk was het voornemen om iedere patient-bestraling vooraf te laten gaan van een controle meting van het betreffende plan, afgestraald op een fantoom. Hier is echter vanaf gezien. In plaats daarvan zijn representatieve controlemetingen aan het (tijdelijk vrijgegeven) tabellenboek en de spreadsheet handberekeningen verricht.
Om genoemde beperkte klinische vrijgave te verwezenlijken moest een aantal activiteiten voltooid worden. Deze zijn samengevat in bijlage 1.
Het sluitstuk van de beperkte klinische vrijgave is een ketentest die op 11-12-2009 uitgevoerd werd, die hieronder beschreven wordt. Door omstandigheden kon deze test pas op maandag 14 december 2009 voltooid worden.
Dosimetrische controle Tabellenboek en Spreadsheet handberekening
Het tabellenboek en de spreadsheet handberekeningen zijn voor beide fotonen-energieën voor zowel isocentrische als FHA-100 bestralingen gecontroleerd voor verschillende veldafmetingen en verschillende doseringsdieptes. Deze metingen zijn te vinden in de file: U:\fysicitechnici\dosimetrie_versnellers\u6\commissioning\controle metingen 11-12-2009\ME_tabel_check_003.xls
De maximaal gevonden afwijkingen zijn t.o.v. de metingen zijn:
| Tabellenboek | Spreadsheet | Tabellen U6 vs U5 | |
| X6 FHA100 | -2.4% tot 1.2% | -1.1% tot 0.7% | -0.7% tot 1.1% |
| X10 FHA 100 | -0.3% tot 0.9% | -1.1% tot 0.9% | -0.4% tot 1.3% |
| X6 isocentrisch | -1.3% tot 1.0% | -2.4% tot 0.6% | -0.3% tot 1.7% |
| X 10 isocentrisch | -1.7% tot 0.4% | -2.4% tot 0.8% | -0.4% tot 1.8% |
De maximaal gevonden afwijkingen zijn dus kleiner dan 2.5% en dat vinden we acceptabel voor deze beperkte vrijgave. Omdat de dosimetrische controle slechts een beperkte set meetpunten omvat zijn ter controle de tabellen ook volledig vergeleken met de tabellen van de U5. De tabellen met afwijkingen zijn te vinden in:
U:\fysicitechnici\dosimetrie_versnellers\u6\commissioning\U6-6MV\me-tabellen\Check ME tegen U5.xls.
Ook hier zijn de verschillen klein.
Ketentest
Het plan van de ketentest bestond uit de volgende onderdelen:
- Scannen van een fantoom (in casu het knij-bakje)
- Plannen van bundels en PI velden in GE
- Maken van DRRs in GE
- Doorzenden van plannen en DRR’s naar Mosaiq en Theraview
- Instellen aantal ME’s in Mosaiq
- Positieverificatie en correctie van het fantoom
- Afstralen van het plan met absolute dosimetrie
- Controle van de gemeten dosis met behulp van tabellenboek/spreadsheet dosishandberekening
Scannen van een fantoom (in casu het knij-bakje)
Het fantoom werd gescand op de GE-CT scanner in Almere. Hierbij wees het kraantje richting gantry, en werd het fantoom uitgelijnd met de lasers op de streepjes “BF-vat” in de FH-richting (er staan meer streepjes). In de andere richtingen was slechts één streepje/krasje waarop uitgelijnd werd.
Patient ID: FANTOOM BAS
Plannen van bundels en PI velden in GE. Maken van DRRs in GE.
Uitgegaan werd van een patiënt plan dat daadwerkelijk kandidaat staat om op de U6 klinisch toegepast te worden. Het betreft een lil-rel profylactische schedelbestraling met een half veld (X1=15cm, X2=0cm, Y1=13.4 cm, Y2=-6.4 cm), met collimator rotatie. Vanwege de l-r symmetrie van het plan werd it teruggebracht tot één bundel AP, zonder collimator-rotatie.
Feitelijk zou dit plan niet met tabellenboek/spreadsheet mogen worden uitgerekend, omdat daarbij expliciet word aangenomen dat het veld zich symmetrisch rond de veldas uitstrekt en het dosispunt zich op deze veldas bevindt.
Daarom is een extra controle toegevoegd, namelijk of de handberekening voldoet voor dit assymetrische veld.
Daarom zijn 2 velden van 15x19.8 cm opgezet, het eerste volgens bovengenoemde posities en het tweede symmetrisch om de veldas X1=X2=7.5cm, Y1=Y2=9.9cm.
De PI velden werden opgezet met de collimator op 0 en 90 graden. Oorspronkelijk werden 40x40 cm velden opgezet, maar dit bleek niet werkbaar dus werd dit teruggebracht tot 20x20 cm.
Doorzenden van plannen en DRR’s naar Mosaiq en Theraview
Opgestuurd werden:
- Naar mosaiq: bestralingsplan en PI-velden
- Naar theraview: PI velden en DRR’s.
Instellen aantal ME’s in Mosaiq
De beide plannen werden ieder ingesteld op 200ME, de PI-velden op 1 ME.
Positieverificatie en correctie van het fantoom
- Eerst werd het fantoom in het isoc geplaatst m.b.v. de setup lasers.
- Daarna werden de orthogonale PI’s gemaakt. Matching met de DRR’s leverde verplaatsingen op van 1mm of minder.
- Vervolgens werd de tafel verplaatst (X=3.0 cm, Y=-2.0 cm, Z=1.0 cm).
- Daarna werden weer orthogonale PI’s gemaakt. Matching met de DRR’s leverde verplaatsingen op van : ΔX=-2.94 cm, ΔY=1.925 cm ΔZ=-1.03 cm op.
Uit eerdere testen is bekend dat deze tekenwissel tot een juiste correctie door TCSA leidt. Helaas kon deze laatste stap niet daadwerkelijk worden uitgevoerd door gebrek aan ervaring met TCSA bij degenen die de test uitvoerden.
Afstralen van het plan met absolute dosimetrie
Een praktisch probleem bij de absolute dosimetrie was het feit dat het BF-vat dat als secundaire standaard fungeert, en dat wij zouden gebruiken voor de dosimetrie, de dag tevoren gesneuveld was.
Er was geen andere gecallibreerde meetkamer voorhanden in het RALF. In plaats van een meetkamer over te laten komen uit het AMC werd besloten om een cross-callibratie van de U5 en U6 te doen met de trayfantomen van beide toestellen. Deze metingen zijn vastgelegd in:
U:\fysicitechnici\dosimetrie_versnellers\u6\commissioning\controle metingen 11-12-2009\Check_trayfantoom_U6vsU5.xls
De output van de U6 bleek voor X6 0.3% hoger en voor X10 0.9% lager dan de output van de U5. Deze verschillen zijn weliswaar hoger dan verwacht, maar klein genoeg om mee akkoord te gaan in het kader van de tijdelijke vrijgave.
Er kan dus vanuitgegaan worden dat 100ME 100cGy op dmax levert bij een 10x10 veld. Alle metingen kunnen dus relatief t.o.v. dit veld verricht worden.
De meetresultaten zijn weergegeven in de file:
U:\fysicitechnici\dosimetrie_versnellers\u6\commissioning\controle metingen 11-12-2009\ME_tabel_check_003.xls
Controle van de gemeten dosis met behulp van tabellenboek/spreadsheet dosishandberekening
In de file U:\fysicitechnici\dosimetrie_versnellers\u6\commissioning\U6-6MV\me-tabellen\Check ME tegen U5.xls is ook de vergelijking gemaakt met het tabellenboek en de spreadsheet handberekening. De dosis is in beide gevallen in het midden van het veld gemeten, alsook in een punt 3 cm uit het isoc in de richting van de positieve X-as
| Assymetrisch veld (X1=15cm, X2=0cm, Y1=13.4 cm, Y2=-6.4 cm) | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| meting | spreadsheet handberekening | tabellenboek | |||
| dosis (cGy) | dosis (cGy) | afwijking | dosis (cGy) | afwijking | |
| 3 cm uit veldgrens | 183.35 | 188.68 | 2.91% | 189.21 | 3.20% |
| midden veld | 189.10 | 188.68 | -0.22% | 189.21 | 0.06% |
| Symmetrisch veld (X1=X2=7.5cm, Y1=Y2=9.9cm) | |||||
| meting | spreadsheet handberekening | tabellenboek | |||
| dosis (cGy) | dosis (cGy) | afwijking | dosis (cGy) | afwijking | |
| 3 cm uit isoc | 187.05 | 188.68 | 0.87% | 189.21 | 1.16% |
| isoc | 188.07 | 188.68 | 0.32% | 189.21 | 0.61% |
De vergelijking van de dosimetrie met de tabel/spreadsheet volgt uit het symmetrisch opgezette veld gemeten in het isoc. Deze is in met 0.3-0.6% verschil in orde.
De metingen voor het asymmetrische veld geven aan in hoeverre het tabellenboek/ de spreadsheet voldoen voor het berekenen van dit soort halve velden. In dit geval is de gemeten afwijking acceptabel.